Sinds januari van dit jaar is de WHOA van kracht. Met deze wetgeving kunnen bedrijven een akkoord sluiten met hun debiteuren en zo een faillissement voorkomen. Hierbij is het wel van belang dat het bedrijf ‘levensvatbaar’ is. Daarom gaan we in gesprek met Han Dieperink, directeur van het IMK. Dit instituut heeft onlangs het Good Company-label geïntroduceerd, waarmee bedrijven hun ‘levensvatbaarheid’ kunnen laten beoordelen.

CFO Capabel en IMK gaan op dit gebied steeds meer samenwerken. Han is van oorsprong econometrist, dus gewend met datasets om te gaan en daarin verbanden in te vinden.

Wat doet het IMK?

Han: ‘Het IMK is opgericht in de jaren 50 door de Kamer van Koophandel, de Nederlandsche Middenstandsbank en het Ministerie van Economische zaken. Een van onze taken na de oorlog was het beoordelen van vooral de levensvatbaarheid van ondernemingen die in zwaar weer zaten. Dat doen we nu nog steeds, al 70 jaar. Het gaat intussen om meer dan 100.000 ondernemers die we op levensvatbaarheid hebben getoetst. Sinds 1997 zijn we een private organisatie, maar de missie is onveranderd gebleven. Het werk is hetzelfde: wij beoordelen ondernemingen op levensvatbaarheid. Dat doen we nog in groten getale voor de overheid, maar ook voor de financiële wereld en direct voor ondernemers.’

Wat houdt het Good Company Concept in?

‘Het Good Company Concept houdt in dat we de levensvatbaarheid van een bedrijf toetsen en een certificering toekennen. In de Good Company-score meten we op tien aspecten. Vier van deze hebben te maken met de kracht van het business model:

  1. Marktontwikkeling;
  2. Kracht van de positionering;
  3. Marktvermogen: commercieel vermogen;
  4. Vermogen om het om te zetten in een positieve exploitatie. Oftewel: kun je er winst mee halen.’

Aan de andere kant hebben we de motor van het vliegtuig, de ondernemer zelf. Hierbij kijken we naar de competenties van de ondernemer: heeft hij een opleiding, heeft hij ervaring? Maar waar eigenlijk nauwelijks naar wordt gekeken is hoe staat het met de persoonlijke ruimte die de ondernemer heeft. Welke persoonlijke risicofactoren spelen in de onderneming? Wij weten dat een kwart van alle ondernemingen in Nederland moet stoppen vanwege gezondheids- of relatieproblemen. Dat vind je in geen enkele financiële ratio terug. Dat zijn typische events die optreden, waardoor een bedrijf ineens downhill kan gaan.’

Wat zijn nog meer aspecten?

‘Van de tien factoren hebben er vier te maken met het businessmodel en twee met de ondernemer. De vier laatste hebben te maken met het fundament van de onderneming en daar speelt onder andere de financiële huishouding een rol in. Dus vermogen, maar ook bijvoorbeeld de juridische positie – heb je te maken met claims of conflicten. Een belangrijke factor voor grotere ondernemingen is Human Capital: hoe kwetsbaar ben je ten opzichte van je key personen in je organisatie. Dat laatste heeft te maken met het verandervermogen van je organisatie. Oftewel, heeft de onderneming goede ervaringen met procesverbetering.

Er zijn dus tien factoren in drie clusters: business model, fundament en ondernemerschap. Die kleuren we uiteindelijk op basis van die scores rood, oranje of groen. Als de score op alle drie groen is, wat voor heel weinig ondernemingen geldt, dan ben je een echte Good Company. Als er één uitkomst oranje is, dan ben je een aspirant Good Company. In dat geval is er iets waar je aan moet werken, maar het ziet er wel heel goed uit. Het gros van de ondernemingen bevindt zich op dit moment in die fase.’

Wat houdt de term ‘levensvatbaarheid van een bedrijf’ in?

‘We zien dat levensvatbaar zijn zeker in deze coronatijd -maar ook daarvoor- een steeds belangrijkere rol gaat spelen. Wij hebben eigenlijk een beetje jaloers gekeken naar de gezondheidszorg die zo mooi het woord triage kon gebruiken. Helemaal vooraan in het traject bepalen of een patiënt iemand is die wel of niet naar een ziekenhuis toe moet en wel of niet naar de IC toe moet. Wat iedere keer opvalt, is dat in de gezondheidszorg maatwerk wordt gepleegd. Als een onderneming levensvatbaar is, dan zouden wij maatschappelijk gezien die onderneming moeten willen behouden, want het is een bron van inkomen en een bron van werkgelegenheid.

Aan de andere kant; als die onderneming niet levensvatbaar is, dan zouden we ook moeten stimuleren dat die onderneming stopt. Dit zien we op het ogenblik dat door de enorme toevloed van geld en steunmaatregelen er steeds meer “zombiebedrijven” ontstaan. Dit zijn bedrijven die eigenlijk in de kern niet meer levensvatbaar zijn, maar in leven worden gehouden. Wij zien daar dagelijks de ellende van die dat gedrag veroorzaakt: gezinnen die kapot gaan, omdat ze te lang zijn doorgegaan met het doormodderen van hun bedrijf. Dus die levensvatbaarheidstoets kan helpen om daar beslissingen in te nemen.

Een bedrijf is in de kern levensvatbaar als het op termijn geldstromen kan genereren waaruit drie zaken betaald kunnen worden:

  1. Inkomen voor ondernemer – in de staat van leven die hij of zij op dat moment heeft. Daar kun je alles van vinden, maar die ondernemer moet er wel van kunnen leven;
  2. De noodzakelijk investeringen voor de continuïteit van de onderneming;
  3. Financieringslasten.

Wanneer een onderneming uit zijn kasstromen die drie zaken kan betalen, dan is deze levensvatbaar. Zo simpel is de toets. In de financiële wereld wordt dit altijd verbonden aan financiële ratio’s en wat dat betreft heb ik een boodschap voor al die mensen die helemaal blind varen op ratio’s: financiële ratio’s zeggen niets, maar dan ook echt helemaal niets,  over de levensvatbaarheid van een onderneming. Zoals de dalingshoek van een vliegtuig helemaal niets zegt over de luchtwaardigheid van een vliegtuig. Op een gegeven moment gaat dat vliegtuig echt een keer dalen, al is het maar omdat de brandstof op is (maar hopelijk iets eerder). Op dat moment moet je vooral niet concluderen dat het vliegtuig niet luchtwaardig is en dat het gaat crashen. Andersom is het wel zo: ieder vliegtuig dat crasht is ergens kort daarvoor aan het dalen geweest.’

Wat betekent dit voor een bedrijf?

‘Bij het bedrijf is het net zo. Het weerstandsvermogen, solvabiliteit en liquiditeitsratio’s, vertellen iets over het financieel fundament van de onderneming. Maar niets over het feit dat je die onderneming weer -net als dat vliegtuig- recht kan trekken. Dan moet je toch kijken naar de motor van dat vliegtuig. In kleine ondernemingen is dit bijna altijd de ondernemer zelf. Heeft die ondernemer nog het vermogen om die onderneming naar een volgende fase toe te helpen? En wat heel belangrijk is: heeft die onderneming een positie in de markt waardoor er ook marktvermogen ontstaat? Is het bedrijf goed gepositioneerd ten opzichte van concurrenten en is het commercieel apparaat van de onderneming zo dat je die positieve positionering ook kunt vertalen in meer omzet, en uiteindelijk in een beter exploitatieresultaat?’

In opdracht van wie voeren jullie deze toets van levensvatbaarheid uit?

‘Dat doen we onder meer in opdracht van financierders, maar we zijn net ook begonnen om dat in het kader van het WHOA-proces te doen. Dus in opdracht van bedrijven die gebruik willen maken van schuldsaneringsmogelijkheden, die de nieuwe faillissementswetgeving geeft. Dat doen we voor overheden in het kader van sociale regelingen.’

Welke waarde heeft het Good Company-certificaat naar externe partijen?

‘Het IMK geldt in Nederland wel als autoriteit op het gebied van levensvatbaarheid. Wij worden regelmatig ook door rechtbanken ingeroepen om een mening te geven over levensvatbaarheid. Bijvoorbeeld wanneer er een conflict is met een kredietverstrekker of de overheid over verschaffing of eigenlijk de afwijzing van een uitkering dan wel krediet. En in al die honderden keren dat wij dan gebruikt zijn, is het IMK-oordeel leidend geweest. Daar is geen enkele discussie over, dat geeft ons een expertstatus in dit verband. Op dit moment zijn we ook heel concreet met een aantal banken in gesprek, die zeggen: “Misschien moeten wij onze risicoprocedure aanpassen aan een Good Company-score.” Dus op het moment dat iemand een gecertificeerde Good Company-score heeft, dan gebruiken wij een licht regime voor het beoordelen van ons risico.’

Voor welke omvang van bedrijven is het Good Company label bedoeld?

‘Vooral voor die ondernemingen waar de ondernemer ook een bepalende rol heeft in die levensvatbaarheid. Wat je ziet bij grotere ondernemingen is dat die minder kwetsbaar worden doordat de onderneming een systeem heeft; dat het goede van de ondernemer af en toe dempt, maar ook de risico’s van die ondernemer aan de onderkant dempt.’

Wat levert het de ondernemer op?

‘Allereerst een duidelijk beeld van hoe zijn onderneming er voor staat en waar zijn kwetsbaarheden zitten. Onze missie is heel simpel: wij willen dat zo veel mogelijk ondernemers duurzaam financieel zelfstandig blijven. Dus hoe zorg jij ervoor dat jij met jouw onderneming niet onnodig risico loopt en je niet bij een crisis ineens heel erg kwetsbaar wordt. De Good Company-scan is dé gezondheidsdiagnose voor kleinere ondernemingen.

Maar het principe is ook toepasbaar op grotere bedrijven. Daarvoor geldt niet de kracht van de ondernemer, maar de kracht van het leiderschapsteam – van het management van de onderneming. Dat is de enige modificatie die je zou moeten toepassen, de rest blijft natuurlijk hetzelfde. De kracht van je business model en het fundament om dat eruit te halen.’

Hoeveel bedrijven zijn tot nu toe gecertificeerd?

‘Ik denk dat we nu op zo’n 400 zitten. We zijn hier nog niet zo lang geleden mee begonnen en ik denk dat we voor het eind van dit jaar tussen de 2000 en 4000 gecertificeerde bedrijven zullen hebben.’Han Dieperink is directeur van het IMK: een instituut dat onlangs het Good Company-label heeft geïntroduceerd waarmee bedrijven hun ‘levensvatbaarheid’ kunnen laten beoordelen. 

Andere blogberichten

 

Zorgwekkend: steeds meer Nederlandse VVT-instellingen lijden verborgen verlies

In de jaarrekening een positief resultaat, maar ‘onder water’ toch verlies lijden op de zorgexploitatie. Dit gebeurt bij steeds meer…

Verder lezen

Zwaar weer op komst voor de (intramurale) VVT sector: vrijwel alle instellingen komen in de financiële problemen

CFO Capabel deed onderzoek naar de financiële gezondheid van de VVT sector. Wat blijkt? Bijna 80% van de instellingen lijden…

Verder lezen

Meld u aan voor de e-mail nieuwsbrief

 

Toestemming(Vereist)

Gezocht: Business Controller Sales Operations

Regio Tiel

Meer informatie